Bedrijfsvloeren in constructief beton met staalvezels 1

Bookmark Download dit artikel Print deze pagina

donderdag 1 maart 2007 Cement 2007/3 1410x gelezen

Toelichting op de achtergronden van CUR-Aanbeveling 111 voor puntvormig ondersteunde bedrijfsvloeren in constructief beton met staalvezels.

 

Ga direct naar de online versie van CUR-Aanbeveling 111.

  • Pagina 1
  • Pagina 2
  • Pagina 3
  • Pagina 4
  • Pagina 5

Pagina 1

C o n s t r u c t i e & u i t v o e r i n g
Vezelbeton
38 cement 2007 3
Het toevoegen van staalvezels aan
beton als (gedeeltelijke) vervanging
van betonstaal is een reeds vele
jaren bekende ...
C o n s t r u c t i e & u i t v o e r i n g Vezelbeton 38 cement 2007 3 Het toevoegen van staalvezels aan beton als (gedeeltelijke) vervanging van betonstaal is een reeds vele jaren bekende techniek. Voor de elastisch ondersteunde bedrijfs- vloeren en ?verhardingen is al een dimensioneringsdocument beschikbaar [1]. In de bouwmarkt was ook behoefte aan een docu- ment voor toepassing als puntvor- mig ondersteunde vloer. Hieraan is tijdelijk invulling gegeven door het Centraal Overleg Bouwconstructies (COBc) [2]. Dit was de eerste aanzet tot acties die moesten uit- monden in het verschijnen van een meer officieel document. De werkzaamheden zijn uitgevoerd door CUR-commissie VC 64. In eerste instantie moest worden vastgelegd welk toepassingsgebied werd beoogd. Dit werd beperkt tot `bedrijfsvloeren in constructief beton met uitsluitend staalvezels of een combinatie van staalvezels met betonstaal, gefundeerd op palen en gestort op een grondslag die naderhand niet mag worden verwijderd'. Onder de constructie mag zich dus geen kruipruimte bevinden. Voorbeelden van toe- passingen zijn industrievloeren en vloeren van opslagruimten. Gezien het feit dat nog onvol- doende inzicht is verkregen in de duurzaamheid op lange termijn, moet de constructie steeds na een gebruiksperiode van vijftien jaar worden ge?nspecteerd. Uit het voorgaande blijkt dat is gekozen voor een formulering die alle combinaties van betonstaal en staalvezels mogelijk maakt. Voor staalvezels is daarbij uit het oogpunt van een minimumwape- ning (het voorkomen van brosse breuk) wel een minimumvezelge- halte van 35 kg/m3 , circa 0,45% (V/V), voorgeschreven. M a t e r i a a l e i g e n s c h a p p e n Alvorens kan worden gedimensio- neerd, moet zijn vastgelegd met welke materiaaleigenschappen moet worden gerekend en op welke wijze deze moeten worden bepaald. Hierover is uitgebreid en waardevol werk verricht door een RILEM-commissie [3], waarvan de resultaten zijn gepresenteerd in Cement [4 t.m. 6]. De commissie heeft hierop aangesloten en heeft de driepunts-buigproef met zaag- snede [7] en de wijze waarop de resultaten worden vertaald in een spanning-rekrelatie voor beton, nagevolgd (fig. 1 en 2). Toege- voegd is een vertaling van proef- stuk- naar constructiegedrag. Een voor staalvezelbeton belangrijk aspect is daarbij de mogelijkheid tot herverdeling van krachten door het ontstaan van vloeilijnen in de constructie, hetgeen in de buig- proef niet zichtbaar wordt gemaakt. Ook wordt door het aan- brengen van een zaagsnede in het proefstuk het ontstaan van slechts ??n scheur mogelijk gemaakt; meervoudige scheurvorming zoals bij hogere vezelgehaltes kan optre- den, wordt nagenoeg verhinderd door te kiezen voor een zaag- snede. Op grond hiervan is beslo- ten in het trekgebied van de span- ning-rekrelatie veelal gemiddelde sterkten in de constructieve bere- keningen te hanteren. Voor zowel de bruikbaarheidsgrenstoestand (BGT) als de uiterste grenstoe- stand (UGT, fig. 2) zijn de relaties opgesteld. S c h e m a t i s e r i n g e n k r a c h t s v e r d e l i n g De plaat wordt beschouwd als puntvormig ondersteund. Met de tabellen 19 tot en met 26 uit de VBC worden de momenten bere- kend. Bij aanwezigheid van kolomplaten moet het momenten- verloop uiteraard worden aange- past. De VBC geeft hiertoe reken- regels. Speciale aandacht wordt gevraagd voor de situatie waarin een kolomplaat smaller is dan de kolomstrook. Het totale steun- puntsmoment in de kolomstrook moet dan nog wel worden opge- nomen. Dat vraagt om een cor- recte verdeling van het totale moment over de breedte van de kolomplaat en het gedeelte van de kolomstrook dat buiten de kolom- plaat is gelegen. Bij bedrijfsvloeren kan de situatie `velden belast-onbelast' optreden, bijvoorbeeld bij voorraadstellingen waar strokenbelastingen heel gebruikelijk zijn. Deze situatie kan worden beschouwd door de belasting te splitsen in een sym- metrisch en een antimetrisch deel. Deze aanvullende belastings- vorm zal vaak maatgevend zijn voor de veldmomenten. Om de constructeur een handreiking te doen, zijn factoren berekend Dimensionering en uitvoering Bedrijfsvloeren in constructief beton met staalvezels (1) dr.ir.drs. C.R. Braam en prof.dr.ir. J.C. Walraven, TU Delft, faculteit CiTG respectievelijk rapporteur/secretaris en voorzitter CUR-commissie VC 64 Marktvragen en verbrede theoretische kennis hebben ertoe geleid dat voor de puntvormig ondersteunde bedrijfsvloeren in constructief beton met staalve- zels, een CUR-Aanbeveling met dimensioneringsregels kon worden opgesteld. Deze CUR-Aanbeveling 111 is als redactionele bijlage bij dit nummer van Cement verschenen. In dit artikel wordt een korte samenvatting van de inhoud hiervan gegeven. Naast de dimensioneringsregels komen ook uitvoe- ringsaspecten aan de orde.

Reacties

Reacties

Reageren

Invoer verplicht
Invoer verplicht
Invoer verplicht

 

 
















Legenda
Bij dit veld is invoer verplicht.

Uw reactie wordt getoond na verificatie.

CUR-aanbevelingen is een uitgave van Aeneas.
© 2017 www.cur-aanbevelingen.nl - alle rechten voorbehouden.